top of page
logo-aida.be_black_horizontal_site.png

Marie Hechtermans: een frisse blik op sportgeneeskunde en vrijduiken

Foto van schrijver: Marie-Lorraine Weiss
Marie-Lorraine Weiss
28 apr
6 minuten om te lezen

Je zou verwachten dat een arts binnenkomt in een kraakheldere witte jas, met een ietwat strenge uitstraling, een bril met schildpadmotief en een stroom aan technische vaktermen. In plaats daarvan ontmoet je Marie Hechtermans: een frisse en onconventionele figuur binnen het moderne academische landschap, gedreven door een onverzadigbare nieuwsgierigheid. Een scherpe geest, een groot gevoel voor humor en een aanstekelijke passie voor de mysteries van het menselijk lichaam onder water — en voor sport en kunst in al hun vormen.


Als jonge sportarts, gespecialiseerd in duik- en hyperbare geneeskunde, doceert ze aan de Haute École Libre de Bruxelles Ilya Prigogine (HELB) en aan de Université libre de Bruxelles (ULB). Ze behoort tot de zeldzame experts in België die een wetenschappelijk onderbouwde, genuanceerde en goed geïnformeerde blik kunnen werpen op zowel recreatief als competitief freediven.


Wanneer je haar vraagt zich voor te stellen, zet ze meteen de toon: ooit wordt ze een zeemeermin. Of beter nog — Ursula. “Ik snap niet waarom iedereen altijd een zeemeermin wil zijn. Ik zou liever Ursula worden. Tentakels — dat heeft nog niemand gedaan. Dat zou geweldig zijn.”


Ze lacht en voegt eraan toe:

“Ik zou graag mijn Level 1 mermaiding halen, gewoon om tegen mijn patiënten te kunnen zeggen: ik ben een zeemeermin. Als je sportarts een zeemeermin is, is dat toch best badass. Zeemeermin Level 1.”


Onlangs ontdekte ze dat er zelfs mensen zijn die “onderwater paaldansen” doen. Haar conclusie? “Een octopus die onder water paaldanst — dat ontbreekt duidelijk nog.”


Een atypisch sportparcours


Haar sportieve parcours leest als een roman: schermen op competitief niveau, tien jaar professionele ballerina, kunstschaatsen (“ik was meer schaatsen dan kunst”), acht jaar competitief powerlifting en olympisch gewichtheffen — en meer recent boksen.


Ze schiet in de lach: “Misschien is het tijd om stilaan te stoppen met competitie en gewoon dingen voor het plezier te doen. Een competitieve zeemeermin of octopus… dat wordt nogal ingewikkeld.”



Van medische praktijk naar een passie voor freediven


De fascinatie van Marie Hechtermans voor de onderwaterwereld gaat ver terug.

“Ik ben al op jonge leeftijd in de duikgeneeskunde gerold, omdat mijn oom — Guy Vandenhoven — duik- en hyperbaar arts is.” Als kind ging ze met hem mee tijdens zijn studies en “krabbelde ze onderzoeksresultaten op een klein stukje papier in een hoekje.”


Na enkele initiaties in scubaduiken en vervolgens vrijduiken deed nieuwsgierigheid de rest. Wat haar vooral boeit, is de fysiologie van vrijduiken: “Freediving maakt me eigenlijk nog nieuwsgieriger dan scubaduiken, omdat het minder onderzocht is. Het roept meer vragen op over de menselijke fysiologie en haar grenzen.”


Met een glimlach geeft ze toe dat er ook “een klein beetje tegendraadsheid” meespeelde — de wens om niet exact hetzelfde pad als haar oom te volgen. Marie is een uitzondering binnen het Belgische medische landschap: hyperbare sportartsen zijn op één hand te tellen. In Brussel zijn het er misschien twee of drie. Haar patiëntenbestand weerspiegelt die zeldzaamheid: topsporters, recreatieve duikers en zelfs beoefenaars van mermaiding. “Uiteindelijk heb ik meer freedivers dan scubaduikers in mijn praktijk.” Ze ziet twee tot drie freedivers per week — tussen de 120 en 150 per jaar.


De plannen van een “baby arts”


Ondanks haar onmiskenbare expertise noemt Marie zichzelf bescheiden een “baby arts”.


Na tien jaar praktijkervaring — gecombineerd met het opzetten en beheren van een multidisciplinair medisch centrum — voelt ze dat ze op een kantelpunt staat: “Mijn plan voor 2026–2027 is om het klinische werk wat af te bouwen… om meer tijd te hebben om te studeren, boeken te lezen, conferenties bij te wonen, nieuwe dingen te ontdekken, tijd door te brengen op wedstrijden met atleten, mijn eigen praktijk verder te ontwikkelen… zodat ik daarna sterker kan terugkomen. Ik denk dat ik nu op dat punt zit.”


Haar doel is duidelijk: zich verder verdiepen in de inspanningsfysiologie van de ademhaling — voor freedivers, maar ook voor lopers — en onderzoeksprojecten ontwikkelen.


Een leidend principe: “Je moet dat af en toe doen als arts. Anders word je op termijn gewoon slecht.”


Er is geen gebrek aan onderwerpen, zeker niet aan diegene die nog nauwelijks onderzocht zijn: het verband tussen freediven en menopauze, of breder, de vrouwelijke fysiologie in sport — een domein waar volgens haar een schrijnend gebrek aan onderzoek is.


“Blue health”: natuur voorschrijven, een modern paradox


“Blue health” verwijst naar de fysieke en mentale voordelen van nabijheid tot, onderdompeling in of zelfs het observeren van natuurlijke wateromgevingen — zeeën, meren, rivieren. Het concept berust op een eenvoudige realiteit: water kalmeert, reguleert en heelt. Voor Marie bestaat daar geen twijfel over:

“Het is wetenschappelijk goed aangetoond dat contact met water ons goed doet. En eigenlijk gaat het nog verder — het gaat om contact met de natuur.”

Toch wijst ze op een opvallende paradox: “Het is ergens triest dat we vandaag dingen moeten voorschrijven die gewoon normaal menselijk gedrag zijn: gaan wandelen in het bos, frisse lucht inademen, je voeten in de zee steken.”


Voor haar gaat preventie veel verder dan medische testen: “Het gaat niet alleen om bloedafnames en ECG’s. Het gaat er ook om mensen manieren van leven aan te reiken die hen helpen om op lange termijn fysiek en mentaal gezond te blijven.”


Op grotere schaal ziet ze een belangrijk politiek vraagstuk: “We moeten blijven onderzoeken, blijven aantonen wat de voordelen zijn van contact met water en natuur… om het volksgezondheidsbeleid te ondersteunen, maar ook beleid in het algemeen. Zeggen: om als mens goed te functioneren in zijn natuurlijke omgeving, heeft hij dit en dat nodig. En misschien zijn we momenteel niet de juiste richting uit aan het gaan.”


Naar een netwerk van watergezondheidsprofessionals: het “blue book”


Wanneer het idee wordt geopperd om binnen AIDA Belgium een symbolisch statuut voor zorgprofessionals te creëren — een “Blue Book” dat aan het RIZIV wordt voorgesteld — reageert Marie meteen als een echte netwerker: “We zouden zorgverleners die geïnteresseerd zijn in water en de voordelen ervan met elkaar moeten verbinden… Dat is een zwakte in België: we zijn weinig verbonden, omdat we vaak op de frontlinie staan en elk op ons eigen eiland werken.”


Ze ziet een collectieve dynamiek voor zich: een rondetafel, een werkgroep waarin zorgprofessionals en waterexperts samenkomen, een ruimte om te brainstormen, kennis te delen en praktijken te laten evolueren — om die vervolgens ook politiek te verankeren.


Wat vrijdfuiken betreft, blijft ze pragmatisch: “Voor preventie in vrijduiken… baseer ik me op wat in scubaduiken wordt aanbevolen. We missen wetenschappelijk bewijs. Het zou interessant zijn om daar samen over na te denken, want we zijn slimmer met meer.”


Haar boodschap is duidelijk: mensen samenbrengen, kennis delen, het veld structureren.

“Kunnen we dit allemaal in een shaker gooien en kijken wat eruit komt? Want het is een opkomende sport die mensen echt goed doet — dus we moeten dingen ontwikkelen.”


Een visie die perfect aansluit bij wat zij als de grootste kracht van freediven ziet:

“Het vermogen om heel sterke gemeenschappen te creëren.”


Vrouwen en onderzoek: een wetenschappelijk vacuüm


Wanneer het onderwerp “freediven en vrouwen” ter sprake komt, is haar oordeel helder:

“Er bestaan letterlijk nog geen drie boeken over het onderwerp. Onderzoekslabs zijn uiterst zeldzaam, en veel zijn recent gesloten onder Trump, wat niet helpt. Dat heeft impact op onderzoek in het algemeen, en zeker op onderzoek naar verschillen tussen geslacht en gender…”


De wetenschappelijke leegte is enorm — terwijl de fysiologische uitdagingen zeer reëel zijn.


Belgisch freediving: minder eilandjes, meer kennisdeling


Haar organisatorische analyse is typisch Belgisch: “In de sportwereld doet iedereen zijn eigen ding, en iedereen blijft het wiel opnieuw uitvinden.”


Ze pleit voor een andere aanpak: meer communicatie, meer contact, structuren opzetten, mensen samenbrengen rond verwante disciplines, ideeën delen, best practices doorgeven en opleidingen bundelen.


Ze verwerpt naïeve uniformiteit, maar wil wel vermijden dat fouten zich blijven herhalen:

“Voorkomen dat mensen in dezelfde valkuilen stappen als anderen.” En opnieuw benadrukt ze de kracht van gemeenschap: “Uitzoeken wie wat doet in Wallonië, Vlaanderen en Brussel — alles in een shaker gooien en goed mengen.”


En dat is precies waar AIDA Belgium vandaag aan werkt.


Laten we samen het “blue book” openen


De komende jaren is de kans groot dat je Marie tegenkomt op Belgische wedstrijden, of in zwembaden doorheen het land — als specialist, maar ook als onderzoeker.


Sluit je aan bij de beweging: laten we samen het Blue Book van aquatische gezondheid opbouwen.


Aan iedereen die dit leest: heb je gezondheidsvragen rond freediven, ideeën rond preventie, onderzoekspistes of zin om deel te nemen aan een “blue health” rondetafel — laat van je horen. Dit is het moment waarop alles begint.


Vandaag lanceren we een collectieve dynamiek om een Blue Book te creëren — een referentiedocument dat de stem kan dragen van zeemeerminnen, vissen en watergezondheidsprofessionals richting het RIZIV.


AIDA Belgium heeft twee nieuwe lidmaatschapscategorieën gecreëerd:

  • ondersteunende leden

  • zorgprofessionals


Deze categorieën bestaan om één eenvoudige reden: om ons samen te brengen.


Vanaf vandaag bundelen we onze krachten om een volgende stap te zetten. Laten we ons inspireren door initiatieven elders in Europa, onze praktijken delen, bruggen bouwen tussen regio’s en disciplines, en de aquatische gezondheid in ons land vooruithelpen.


Water creëert sterke gemeenschappen. Het is aan ons om die kracht om te zetten in actie.

Opmerkingen


Het is niet meer mogelijk om opmerkingen te plaatsen bij deze post. Neem contact op met de website-eigenaar voor meer info.
bottom of page